De lucht in onze steden is veel te vies

Op de Groene Week vinden velen het maar tijdverlies. Voor hen is het klaar als een klontje: Europa moet de luchtkwaliteitsnormen in overeenstemming met de jongste wetenschappelijke inzichten brengen en ze aanscherpen. Dat is niet alleen een kwestie van gezondheid maar ook van sociale rechtvaardigheid, zegt Shirley Rodrigues, de loco-burgemeester van London. Want het zijn vaak de armste mensen die op de vuilste plekken wonen.

Op de conferentie stikt het van de steden met ambitieuze plannen om de luchtkwaliteit te verbeteren. Alleen is hun speelruimte soms beperkt. Martin Lutz, een hoge ambtenaar uit Berlijn die al decennia probeert de lucht in zijn stad schoon te krijgen, vertelt een sprekend verhaal. Met allerlei maatregelen zoals de invoering van de lage-emissiezone is het gelukt de uitstoot van fijnstof flink te doen dalen.

Maar stikstofdioxide is een nachtmerrie, zegt hij. In het afgelopen decennium is het nog nauwelijks gelukt om de concentratie ervan in de Berlijnse lucht terug te dringen. En dat terwijl het verkeer in dezelfde periode wel met 15 procent is teruggelopen. Rara, hoe kan dat? Lutz weet het antwoord wel. Het komt door de dieselwagens die in de praktijk vele malen meer uitstoten dan in een testsituatie. Link